Koen De Coc en Olivier Larivière - Roberto Polo Gallery

🕔18 Feb 2019 15:28

Koen De Coc: Hermits & Wrestlers
en Olivier Larivière: Hic et Nunc


tot 9 september 2017
Roberto Polo Gallery


Koen De Cock, 2 Men 2 (detail), 2014, oil on canvas, 190 x 90 cm

Roberto Polo Gallery brengt twee solotentoonstellingen van contrasterende figuratieve representatie in olieverf op doek: Koen De Cock: Hermits & Wrestlers en Olivier Larivière: Hic et Nunc. Deze tentoonstellingen zijn toegankelijk voor het publiek tijdens de gewone openingsuren van de galerij van vrijdag 12 mei tot zondag 9 september 2017.

Koen De Cock (°Gent, 1978) woont en werkt in Gent en op verplaatsing tijdens zijn reizen. Zijn eerste solotentoonstelling in Roberto Polo Gallery in 2013 viel op door de innemende originaliteit vanuit een thema dat zowel klassiek als eigenzinnig was, benadrukt door een waterverf-op-papier techniek die accuraatheid en creativiteit combineerde. Deze nieuwe tentoonstelling, met de titel Hermits & Wrestlers [Kluizenaars en worstelaars], met 27 recente olieverfschilderijen op doek, is een rechtstreekse opvolger van de vorige, getiteld Shepherds [Herders]. Beide titels verwijzen naar het favoriete onderwerp van de kunstenaar: mannelijk naakt dat worstelt met een grenzeloze en weelderige natuur.

Het naakt is een klassiek thema in de kunstgeschiedenis, en de precieze vertaling en herinterpretatie van dit onderwerp, in alle stijlen, is sinds de renaissance een obsessie geweest voor vele kunstenaars. Koen De Cock is een bewonderaar van Albrecht Dürer, Lucas Cranach de Oudere, en vooral van Paulus Pontius; in deze kunstenaars leeft ook de geest van Michelangelo. De intensiteit van de blik die de karakters van Koen De Cocks schilderijen typeert, roept de ‘terribilità’ van de Italiaanse meester op.

Koen De Cock is echter geen kunstenaar van het verleden, wel integendeel. Hij transmuteert zijn modellen tijdens het creatieve proces: zijn naakten zijn symbiotisch en symbolisch verweven met de natuur, willen ermee een worden; hun anatomie wordt uiteengescheurd of weer samengesteld; vaak worstelen ze onderling heftig. Het is niet de bedoeling van Koen De Cock om geweld weer te geven, maar wel, zoals in Goya’s Gevecht met stokken (ca. 1820-23, Museo del Prado), het eindeloze innerlijke gevecht van iedere mens en zijn weigering om lessen te trekken uit de geschiedenis. Zijn hele oeuvre is doordrongen van die intentie, of het nu gaat om kluizenaars of om worstelaars.

De techniek die Koen de Cock gebruikt, gebaseerd op een klassieke benadering van de tekenkunst, is werkelijk uniek. Als graveur maakt de kunstenaar immers zijn figuren door middel van uitlijning met uiterst verfijnde olieverfschildering – een ongelooflijke finesse die hem toelaat om de kleinste rimpels rond een oog en de onpeilbare diepte van de iris weer te geven. Deze obsessieve aandacht voor detail zou slechts triviaal realisme zijn, mocht het geen representatie zijn van een lichaam dat onderworpen is aan de eeuwige worsteling om te proberen een te worden met de natuur, of ermee eengemaakt te worden. Dit wordt benadrukt door een palet van verrassende, onwerkelijke en pure kleuren die subtiel met elkaar contrasteren.

De kunst van Koen De Cock vindt haar basis in de spanning die voortkomt uit zijn rauwe realisme, een ingebeelde wereld die in het fantastische opgesloten zit, brute kracht en de dwingende gedetailleerdheid van hun weergave. Deze spanning vloeit ook voort uit de bewust gespannen basisrelaties van zijn figuren. Om zichzelf in stand te houden, pogen zijn protagonisten op te gaan in de natuur, in de vorm van flora, fauna, of beide. Zijn composities stellen de spontane vitaliteit van de natuur in al haar weelderigheid, onveranderlijke schoonheid, en voortdurende vernieuwing tegenover de tragische eindigheid van de mens.

Koen De Cock reist veel, en blijft als een zigeuner hangen op de plaatsen die hij zelf uitkiest. Hij kijkt dan naar de mens en de natuur die hem omgeeft en laat hen in zijn werk doordringen. Nochtans rijmt in zijn werk spanning niet met tegenstelling, maar eerder met fusie; ze bouwt immers een nieuw universum waardoor de interpretatie van het werk vernieuwd wordt. Het naakte lichaam in de natuur is niet alleen eindig en kwetsbaar, maar ook oneindig poëtisch. Elk van Koen De Cocks werken vertelt ons het rijke verhaal van het leven.


Olivier Larivière, L’enfant au cerf-volant I (detail), 2015, oil on canvas, 182 x 270 cm

Olivier Larivière (°Saint-Germain-en-Laye, Frankrijk, 1978) woont en werkt in Montreuil, een voorstad van Parijs. Zijn eerste solotentoonstelling in Roberto Polo Gallery, Hic et Nunc, omvat tien recente olieverfschilderijen op doek. De werken van Larivière ontvouwen zich voor ons als toneelstukken die zich ‘s nachts afspelen op verlaten terreinen, in buitenwijken aan de rand van niemandsland. De plaatsen komen ons bekend voor, ongetwijfeld omdat ze omwisselbaar zijn met onze eigen omgeving. Volwassenen, tieners, kinderen en loslopende dieren komen daar op mysterieuze wijze terecht, omgeven door meubilair, objecten en autowrakken die op verschillende doeken, maar zonder verband, voorkomen. Deze wezens en dingen zijn er terechtgekomen door toeval of noodzakelijkheid.

Larivière is gefascineerd door oude en hedendaagse meesters zoals Velázquez, Titiaan en Delacroix, maar ook door Lucian Freud en Eric Fischl, en zijn inspiratie komt vooral van een bric-a-brac van persoonlijke foto’s en beelden die hij geleend heeft van het immense wereldwijde web. Eens geordend en opgelijst, wordt die beeldenbron het manna van overvloed waarop de kunstenaar zijn werk baseert.

Volgens Larivière bevatten al zijn recente schilderijen die nu in Roberto Polo Gallery te zien zijn, ook een meer persoonlijk element: “De herinnering aan mijn moeder die op straat stopte om de rommel en antiek in uitstalramen aandachtig te bekijken, heeft deels deze serie geïnspireerd, waarin de protagonisten uitgestald staan als en samen met meubilair en objecten in ondefinieerbare plaatsen. De figuur van mijn moeder verschijnt voor het eerst in deze schilderijen.”

Larivière zegt nog: “Ik speel ook met terugkerende karakters, objecten en situaties tussen het ene schilderij en het andere; op die manier stel ik bewust de vertelfunctie in schilderkunst in vraag. Mijn werk heeft een filmisch aspect dat voortkomt uit mijn passie voor en fascinatie met onder andere het meesterwerk L’Année dernière à Marienbad van regisseur Alain Resnais, met een scenario van Alain Robbe-Grillet. Hoewel ik geïnspireerd word door de geschiedenis van de schilderkunst, citeer ik er niet direct uit. Ik zet mezelf niet zozeer op een lijn met de meeste oude meesters, maar wel met Wim Wenders, Theodoros Angelopoulos en Gus Van Sant, allemaal filmregisseurs die gefascineerd zijn door de antiheld, de doodgewone mens op zoek naar identiteit, niet de meer dan levensgrote held.”

Als we verder kijken dan inspiratiebronnen, concentreert het werk van Larivière zich op het leven. De kunstenaar vertrouwt ons toe: “Al jarenlang blijft mijn aandachtspunt de vergankelijkheid van het menselijk leven en de dichotomie tussen epicurisme en ascetisme.”

In lijn met de hedendaagse trend van dromerig realisme, zinspelend ondanks zijn brute directheid, dompelen Olivier Larivières schilderijen ons onder in een intieme wereld gespeeld door anonieme karakters, wiens houdingen en omgeving ons eigen leven in vraag stellen, ons diepste innerlijk raken en ons zo herinneren aan onze eigen waarheden en onwaarheden.
www.olivierlariviere.com

 

Roberto Polo Gallery
Lebeaustraat, 1000 Brussels
gallery@robertopolo.com - www.robertopologallery.com

Tuesday to Friday from 2pm to 6pm
Saturday and Sunday from 11am to 6pm
And by appointment

Recent Tweets

Facebook